Skip to main content

Leren gebeurt niet vanzelf. Met de juiste begeleiding help je jongeren bewust stil te staan bij wat zij tijdens hun project leren en hoe zij zich ontwikkelen. Op deze pagina vind je informatie en tools om het leerproces te ondersteunen.

2.1. Een Solidariteitsproject als niet-formele leerervaring

Niet-formeel leren is in de kern ervaringsleren. 'Leren door doen' staat centraal. Je leest hier meer over de niet-formele leermethode. Eén van de belangrijke aspecten van een Solidariteitsproject is dat jongeren leren door dit zelf op te zetten en uit te voeren.

2.1.1. Youthpass om de leerervaring te faciliteren en te erkennen

Om de impact van deze leerervaring zichtbaar te maken voor de jongere zelf en de buitenwereld bestaat Youthpass. 

Youthpass is: 

  • een officieel certificaat dat de jongeren (of de wettelijk vertegenwoordiger als dit een organisatie is) kunnen aanmaken na het doen van hun project;
  • een reflectie- en communicatiemiddel. 

Jongeren kunnen met Youthpass laten zien dat zij zelf een project hebben bedacht en uitgevoerd. Ze denken na over wat ze tijdens het project hebben geleerd en schrijven dit op in hun Youthpass. Daardoor worden ze zich bewuster van hun vaardigheden, sterke punten en uitdagingen. Ook helpt het hen om hierover te vertellen aan anderen, bijvoorbeeld tijdens een sollicitatiegesprek.

Youthpass is daarnaast een handig hulpmiddel om jongeren te begeleiden in hun leerproces. Tijdens het hele project kunnen zij Youthpass gebruiken om te reflecteren op wat ze leren én om zichtbaar te maken welke impact dit leren heeft gehad. Hier vind je meer algemene informatie over Youthpass en hier vind je meer informatie over Youthpass binnen Solidariteitsprojecten.

Het zelfevaluatie gedeelte van Youthpass is opgebouwd uit 8 sleutelcompetenties. Dit zijn competenties waar leren kan plaatsvinden in een project. De competenties zijn: 

  • Meertaligheid
  • Persoonlijke en sociale ontwikkeling en leren-leren
  • Burgerschap
  • Ondernemerschap
  • Cultureel bewustzijn en culturele expressie
  • Digitale vaardigheden
  • Wetenschap, technologie en techniek
  • Geletterdheid

Hier vind je uitleg over de competenties en reflectievragen die je kunt stellen aan jongeren voor elk van de competenties van Youthpass. Hieronder volgen oefeningen voor jongeren om meer over zichzelf te ontdekken. 

2.2. Een Solidariteitsproject als een zelfgestuurd leerproces

Een zelfgestuurd leerproces is een leerproces waarin het individu het initiatief neemt om, met of zonder de hulp van anderen, leerbehoeften in kaart te brengen, leerdoelen te formuleren, materiële middelen en menselijke steun te identificeren, een geschikte leerstrategie uit te werken en uit te voeren en leeruitkomsten bij te houden en te evalueren. 

Een Solidariteitsproject kan beschouwd worden als een zelfgestuurd leerproces. Als coach ondersteun jij de jongeren in dit proces. 

In dit document vind je een overzicht van de stappen van een zelfgestuurd leerproces en vragen die helpen bij het identificeren van elke stap. Je kan je projectteam vragen om dit zowel individueel als als team te doen tijdens een van je coaching meetings. 

Tool 1: Leerrivier
Leerrivier of river of learning: Een oefening waarbij jongeren reflecteren op ervaringen in het verleden die hen heeft gevormd tot de persoon die zij zelf zijn. Dit doen zij door een rivier te tekenen die symbool staat voor belangrijke momenten in hun leven. 

Tool 2: Collage your learning
YP-unfolded - Collage your learning (pagina 94-95): Een visuele oefening die jongeren helpthun waarden, passies, sterke punten en karakteristieken als lerende te ontdekken. 

Tool 3: Paint your own picture
Paint your own picture (pagina 48-54): Een lijst van methodieken die je kan gebruiken om jongeren hun middelen en menselijke steun te laten identificeren, zoals peer reflectie groepjes, vragen als onderdeel van een leerplan, het laten ervaren van verschillende manieren om te leren, etcetera.

Tool 1: de lerende mens
‘De lerende mens’ is een methode waarmee coaches jongeren laten nadenken over hun kennis (hersenen), houdingen (hart) en vaardigheden (handen en voeten). Zo ontdekken zowel de jongeren als het team welke kwaliteiten ze al hebben en kunnen inzetten in hun Solidariteitsproject.

Elke jongere kan eerst individueel nadenken over zijn of haar competenties. Daarna kan het team samen bekijken welke talenten aanwezig zijn. Vaak zien anderen kwaliteiten die iemand zelf niet opmerkt. Dit helpt ook bij het invullen van de Youthpass. Een overzicht van de teamcompetenties is een sterke start van het project. Daarom is het belangrijk om hier als coach tijd voor te maken en het gesprek binnen het team te stimuleren.

de lerende mens

Tool 1: De Blobs 
De Blobs zijn genderloze wezentjes met grote emoties ontworpen door Ian Long en Pip Wilson. Er is een hele collectie aan Blob settings zoals een boom, zwembad, klas en iedereen vindt in die scènes wel een Blob die diens emotie weergeeft. 

De Blob boom is een goede tool om te kijken welke rol iedereen op zich neemt in het team en daar een uitwisseling over te hebben. 

De Blob klas is dan weer een goede start om het over leren te hebben en uit te wisselen over hoe jongeren naar leren kijken. Voor veel jongeren zal dit de eerste keer zijn dat ze niet-formeel en zelfgestuurd leren, dus goed om even stil te staan bij hun houding ten opzichte van formeel leren. 

 

2.3. Leerdoelen formuleren

Bij niet-formeel leren is het voor de jongeren goed om na te denken over wat ze willen leren.

Tool 1: Leerinterview
Leerinterview: Een oefening waarbij jongeren zich bewust worden van hoe, wanneer en wat ze geleerd hebben. Dit kun je ook gebruiken om jongeren te helpen hun leerdoelen te formuleren. 

Tool 2: Leerplan

YP-unfolded – Leerplan (pagina 63): Een simpele tekstuele oefening waarbij de jongeren antwoord geven op vragen zoals ‘wat wil ik leren?’ en ‘hoe wil ik het leren?’

Tool 3: Leerdoelen formuleren
Een leerdoel is datgene wat de jongere wil leren. 

Bijvoorbeeld: 

  • ik wil een app leren ontwerpen en maken;
  • ik wil leren hoe je een budget kan managen;
  • ik wil leren hoe ik muziek kan opnemen in een professionele studio.

Om het wat makkelijker te maken om de leerdoelen te formuleren, geven we hier een paar tips en tricks uit de Youthpass guide (SALTO T&C, 2009) die je aan de jongeren kan geven:

-      Kijk naar jezelf. Kies leerdoelen die bij je passen en die je leuk vindt. 
Het heeft geen zin om iets te leren waar je geen zin in hebt of dat je niet nuttig vindt. Ga voor iets waar je enthousiast over bent en wat je echt wilt kennen, zijn of kunnen!  

-      Maak je doelen concreet. 
Als je opschrijft dat je een app wil leren ontwerpen, zegt dat weinig. Als je concreet beschrijft welke app, met welk doel en voor wie, is het al een stuk duidelijker.

-      Zorg ervoor dat je kan evalueren wanneer je stappen voorwaarts gezet hebt, nieuwe dingen geleerd hebt of een doel bereikt hebt. 
Dit is heel erg verbonden met het vorige advies om het concreet te maken. Als je niet precies weet wat je wil leren, is het ontzettend moeilijk om te weten of je het nu wel of niet bereikt hebt, dus hoe concreter je het maakt, hoe makkelijker de evaluatie is.

-      Maak je leerdoelen realistisch en bereikbaar. 
Beslissen dat je een nieuwe taal gaat leren in 3 weken is niet erg realistisch. Het is veel realistischer om te beslissen dat je elke week 50 nieuwe woorden gaat leren of tenminste 20 minuten gaat oefenen met een native speaker. 

-      Ga voor korte termijn leerdoelen. 
Kies doelen die je tijdens je Solidariteitsproject kan bereiken.

-      Beschrijf je doel positief en start vanuit je sterktes. 
Het is veel makkelijker om iets verder te ontwikkelen waar je passie voor hebt en al iets over weet dan om meteen je verbeterpunten aan te pakken. 

-      Vind een goede balans tussen makkelijke en moeilijke doelen. 
Een leerplan is niet leuk als je alles binnen één week kan realiseren en al helemaal niet als het een levenswerk dreigt te worden. Zorg ervoor dat je voor elke week en maand van je project minstens één haalbaar leerdoel hebt.

-      Kies verschillende doelen. 
Werk aan kennis, vaardigheden en houdingen tegelijk en zorg voor een goede afwisseling.

-      Organiseer een feestje wanneer je een doel bereikt hebt! 

Tool 1: Persoonlijke SWOT-analyse
Misschien heb je als coach al eens gehoord van SWOT? Dit staat voor Strengths, Weaknesses, Opportunities en Threats. Oftewel: sterktes, zwaktes, mogelijkheden en uitdagingen. Vaak zie je dit in een bedrijfscontext, maar je kan het ook inzetten om als coach de jongeren te helpen hun persoonlijke sterktes, zwaktes, mogelijkheden en uitdagingen in kaart te brengen. 

Het formulier hieronder geeft je vragen die je met de jongeren kan delen om hen te helpen inzicht te krijgen in hun persoonlijke SWOT. Deze methodiek kunnen ze eerst persoonlijk doen en dan op teamniveau om zo een beeld te krijgen van het projectteam. Jij faciliteert dit proces als coach met behulp van het model hieronder. 

SWOT-analyse

2.4. Reflecteren op je leren

Reflecteren betekent letterlijk: beschouwen of overdenken. Reflecteren is het terugblikken op je eigen handelen en ervaringen, daarover nadenken en van daaruit nieuwe keuzes maken. Reflectie is de motor van ontwikkeling, want als je niet terugkijkt wat anders en beter kan, zie je ook geen ontwikkelpunten.

In de leercyclus van David Kolb, een Amerikaanse psycholoog gespecialiseerd in ervaringsleren, neemt reflecteren een centrale plaats in. Het beweegt je namelijk van doen naar denken. Reflectie is dan ook een belangrijk onderdeel van niet-formeel leren. In deze korte Youtube video wordt de leercyclus heel mooi visueel uitgelegd. 

Het is volgens deze theorie belangrijk om na elke leerervaring (=doen) te reflecteren om tot denken te komen. Jij kan als coach je jongeren hierbij helpen door heel bewust na elke activiteit in het project die tot leren kan leiden een reflectiemoment in te plannen. 

  • Maak het leuk.
  • Varieer: gebruik verschillende tools of reflectievragen zodat er voor elk wat wils is. 
  • Geef de kans om te reflecteren op leerervaringen meteen na de ervaring.
  • Gebruik het om deelnemers hun leerproces te laten bijhouden. De vorm maakt niet uit: een boekje, document of online plek is allemaal goed, zolang ze hun ervaringen op één vaste plek verzamelen om later te gebruiken bij hun Youthpass.Doe het vaak (dus niet maar één keer) en op verschillende tijdstippen tijdens de dag om zowel vroege vogels als nachtuilen een voor hen geschikt moment te bieden. 
  • Vertrouw erop dat je deelnemers eruit halen wat zij nodig hebben, ook als ze jouw plan niet volgen. 

Tool 1: Leermandala
YP-unfolded - Leermandala of learning mandala (pagina 106-111): Een oefening gericht op het plannen, reflecteren en vastleggen van leren op een creatieve manier. 

Tool 2: Learning journal
YP-unfolded - Learning journal (pagina 84-87): Een template (inclusief reflectievragen) voor een persoonlijk dagboek dat jongeren bijhouden over hun leren. 

Tool 3: Het logboek van de kapitein

YP-unfolded - Het logboek van de kapitein of Captain’s log in (pagina 72-75). 

Tool 4: Wheel of life 
De ‘wheel of life’ is een coachingtool die je zowel kan gebruiken voor:

  • een check-in met het projectteam; 
  • reflectie op hoe het in een bepaald gebied van het project gaat en welke verbeteringen er mogelijk zijn.

Stap 1: Pak het ‘wheel of life’ formulier erbij en geef een score in elk van de projectgebieden. De score geeft aan hoe de jongere zich voelt in dit gebied. 1 is het laagste en 10 is het hoogste. 

De gebieden zijn: 

  • Samenwerking in het team
  • Projectdoelen
  • Budget
  • Fun
  • Samenwerking met de coach
  • Projectactiviteiten
  • Impact van het project
  • Leren

Stap 2: In duo’s bespreken de jongeren hun ‘wheel of life’ met elkaar of jij kan dit als coach ook met elk van de jongeren doen. Een van de jongeren begint en geeft een globaal overzicht van de scores voor elk gebied.

Stap 3: De jongere kiest nu één gebied van het wiel waaraan deze persoon wil werken. Dit hoeft niet het gebied met de laagste score te zijn. Het kan elk gebied zijn, ook dat met de hoogste score. 

Stap 4: De andere jongeren of jij als coach stelt nu krachtige vragen specifiek over dit gebied. 

Bijvoorbeeld: Fatima kiest het gebied leren en heeft dit gebied een score van 6 gegeven. Degene die luistert/coacht vraagt nu wat die 6 betekent. Hoe voelt het? Hoe ziet het eruit? Wat doet Fatima in dit gebied bij 6? Wat is er goed? Wat kan er beter? Wat zijn de kansen die ze nog niet benut? Welke talenten gebruikt ze? Waar is ze trots op? Als ze er een beeld op kon plakken, wat zou dat dan zijn? 

Stap 5: Wat als dit gebied een 10 zou zijn? De jongere of coach stelt nu krachtige vragen, bijvoorbeeld over hoe een 10 voor dit gebied er zou uitzien en zou voelen en wat het verschil is met de vorige score. Neem zeker evenveel tijd om over de 10 te praten als over de 6 en stel dezelfde of gelijkaardige krachtige vragen zodat de jongere echt het verschil voelt.

Tip: sommige jongeren blokkeren op 10 over hoe dat voelt en eruit ziet omdat ze niet gewend zijn om zo groot te dromen. Je kan ook voor 9 gaan of 8 als dat makkelijker is voor de jongeren. Het moet in elk geval een score zijn die dromen toelaat. Dus ga zeker voor hoger dan 7. 

Stap 6: Vraag nu aan de jongere wat één radicale stap is die gezet kan worden om van 6 richting 10 (of het cijfer dat je gekozen hebt als droomniveau) te gaan. Moedig de jongere echt aan om voor iets uit hun comfortzone te gaan. 

Stap 7: Leg een check-in moment vast waarop je even een appje stuurt naar de jongeren om te checken of ze hun radicale stap gezet hebben en hoe het gegaan is. 

Tip: ook als de jongere geen radicale stap gezet blijkt te hebben bij het check-in moment, heeft die iets geleerd. Er zit net zoveel leren in iets niet doen als in het wel doen! Dus hoe heeft de jongere beslist om het niet te doen? Heeft deze persoon nog wel actie ondernomen? En wat is dat dan? Waarom was deze actie beter? Waar zit deze persoon nu in dit gebied? 

Stap 8: Wissel van rol als de jongeren dit als duo’s doen.

Tool 2: Reflectieboekje vouwen en invullen
Een reflectieboek is een klein A7 boekje dat je samen met de jongeren kan vouwen, waarin je verschillende reflectievragen en -methodes kan combineren. 

Stap 1: Het boekje vouwen. Deze video geeft je de instructies. Het is handig om al even te kijken en oefenen voor je dit met de jongeren doet. Dan kan jij helpen als het te snel gaat in de video. Vooral het moment waarop je knipt en samenvouwt gaat snel. Dus zorg dat je dit zelf onder de knie hebt! 

Stap 2: Je hebt nu 8 pagina’s om te vullen met verschillende opdrachten. Dit is een voorbeeld van wat de jongeren er allemaal in kunnen zetten: 

  • Pagina 1: cover met leuke titel en versiering met leuke lettertypes, knipsels, stickers, etcetera.
  • Pagina 2: check-in. Als ik nu een weerbericht zou zijn, dan zou ik dit zijn:… 
  • Pagina 3: mijn passies of talenten en hoe ik ze in dit project of bij deze specifieke activiteit gebruikt heb. Gebruik zo weinig mogelijk woorden en zoveel mogelijk visueel materiaal.
  • Pagina 4: mijn doelstellingen voor deze activiteit (in het Solidariteitsproject).
  • Pagina 5: thermometer van 1 (laagst) tot 10 (hoogst). Hoe ver sta je nu in het behalen van deze doelstellingen? Hoe voelt dat? Wat haal je er al uit? Wat zijn de kansen die je nog niet benut? 
  • Pagina 6: Hoe ziet 10 eruit? Wat heb je daar dat je nu nog niet hebt? Wat beweegt je in de richting van 10? 
  • Pagina 7: Welk talent ga jij benutten en welke actie ga je ondernemen om in de richting van 10 te bewegen? Wanneer ga je dat doen? 
  • Pagina 8: backcover met je portret en een korte bio (zoals op andere boeken). 

Stap 3: Geef de jongeren tijd om één of meerdere van de pagina’s te vullen. Laat hen echt kiezen wat zij willen doen. Geef dus duidelijk aan dat ze jouw volgorde niet hoeven te volgen!

Tip: zorg dat je creatief materiaal zoals stiften, stickers en gekleurd papier ter beschikking hebt. Dit stimuleert de creativiteit en maakt het ook echt leuk om te doen. 

Stap 4: Laat de jongeren met elkaar uitwisselen over wat ze gekozen hebben en wat ze over zichzelf ontdekt hebben door in dit boekje te werken. Dit kan zowel in duo’s of trio’s als met het hele team. 

Tip: dit is een leuke methodiek om na elke grote activiteit in je Solidariteitsproject te doen, omdat het de jongeren de kans geeft om meteen te reflecteren op wat ze geleerd hebben en ervoor zorgt dat ze aan het einde van het project een verzameling boekjes hebben waarin ze gereflecteerd hebben op afzonderlijke activiteiten. Op die manier krijgen ze een goed overzicht van wat ze allemaal gedaan en geleerd hebben. 

bgie